Julius Carl Bunge (geboren in Amsterdam in 1865) kreeg de liefde voor de muziek van huis uit mee. Zijn vader J.G. Bunge was een van de oprichters van de Wagnervereeniging. Zijn fortuin was afkomstig uit het succesvolle familiebedrijf de fa. Bunge, opgericht door zijn grootvader in Amsterdam in 1818 en dat rond 1900 al tot een multinational was uitgegroeid. Bunge trok zich na de dood van zijn vrouw (in 1919 overleden aan de Spaanse griep) terug uit zijn bedrijf en het openbare leven. Hij liet in 1922 een huis bouwen in Zwitserland, aan het meer van Luzern (Vierwaldstättersee). Ook dit huis was van alle gemakken voorzien en omgeven door een prachtige tuin met een kassencomplex, plus een badhuis en een botenhuis met aanlegsteiger aan het water. Om zich daar toch niet te hoeven vervelen, liet Bunge ook in dit huis een Aeolian Pipe Organ installeren. Dit instrument was zelfs nog groter dan het exemplaar in Kareol (23 stemmen, harp en klokkenspel). Het huis bestaat nog, maar het orgel moet rond 1950 verwijderd zijn. Of het nog bestaat is niet bekend. De huidige eigenaren van het huis hebben wel tal van documenten en alle andere Bunge-memorabilia, die daar nog wel waren achtergebleven, aan het Pianola Museum geschonken. Daaronder bijvoorbeeld de originele bouwtekening van het orgel en verscheidene eigenhandige partituren van Julius Carl Bunge, die door hem opgestuurd werden naar de V.S. teneinde daarvan rollen te laten maken voor het orgel (door de Aeolian fabriek in New York). Bunge overleed in 1934 aan een longontsteking. Posthuum werd hij onderscheiden met de Gouden Eremedaille van de Stad Amsterdam vanwege zijn grote verdienste voor het muziekleven van deze stad.


In onderstaande krantenartikelen kunnen we meer over Bunge lezen:

Foto van Bunge uit het boek:
Leading men, at home and abroad. Den Haag, 1928-29.